TIBOR DE MACHULA werd in 1912 in Hongarije geboren en opgeleid in Boedapest bij Adolf Schiffer. Reeds op twaalfjarige leeftijd debuteerde hij bij het Boedapest Philharmonisch Orkest en aansluitend maakte hij een tournee door Italie. Als vijftienjarige werd hij uitgenodigd zijn studie voort te zetten aan het Amerikaanse Curtis Institute of Music in Philadelphia bij Felix Salmond. Na drie jaar keerde hij terug naar Europa en maakte diverse tournees, o.m. naar Zuid-Afrika, Scandinavie en het toenmalige Nederlands-Indië. De dirigent Wilhelm Furtwängler vroeg hem in 1936 eerste solo cellist te worden bij het Berlijns Philharmonisch Orkest en daar bleef hij 11 jaar, tot hij in 1947 aangesteld werd als eerste solocellist van het Concertgebouworkest in Amsterdam tot zijn pensionering in 1977. Daarnaast trad hij veelvuldig op in kamermuziekensembles en als solist.
Hij overleed op 18 december 1982 te Abcoude.